Big!Move heeft 8 pijlers waarop de methode is gebouwd. Dit zijn de bouwstenen voor gedragsverandering in de leefomgeving:
Plezier
Plezier is de belangrijkste voorwaarde voor gedragsverandering en vormt de toegang voor de overige zeven pijlers. Door plezier kom je weer in contact met het gezonde deel in je zelf. Door spel en plezier voorop te stellen is er een gezonde dosis relativeringsvermogen in de lessen.
Chaos
Chaos is nodig om vastgeroeste patronen te doorbreken zodat er ruimte is voor nieuw gezond gedrag. Binnen de structuur en de gegeven kaders van het programma Big!Move wordt een zekere hoeveelheid chaos gecreëerd om deze verandering teweeg te brengen. Er is een balans tussen structuur en chaos.
Naar buiten gericht, de wijk in
Big!Move is voor de bewoners van de wijk. Om velerlei praktische en sociale redenen worden alle groepen in de wijk gegeven, in de leefomgeving van de deelnemers. Dit zorgt voor sociale cohesie, er ontstaan contacten en vriendschappen. Dit draagt bij aan een gezonde wijk.
Kracht
Het in je kracht staan heb je nodig om gezonde keuzes te maken. Dit leidt tot meer zelfvertrouwen en eigenwaarde. Het motto van Big!Move is dan ook: van klacht naar kracht. Als je wordt aangesproken op wat je kan en wil, wordt er aan het gezonde deel in jezelf geappelleerd.
Participatie
Participatie gaat uit van een actieve deelname en intensieve samenwerking tussen deelnemers, begeleiders initiatiefnemers van de methode en sleutelfiguren in de wijk. Dit leidt tot relatie en draagvlak. Er ontstaan zo nieuwe netwerken van organisaties en mensen in de wijk die tot nieuwe ideeën kunnen komen.
Procesmatig
De focus ligt op het proces, niet op het einddoel. Doelen kunnen veranderen. Door het proces centraal te stellen is er ruimte om veranderingen toe te laten. Het vergt zelfvertrouwen om de planmatige aanpak, met alle zekerheden van dien, los te laten en te zien wat er gebeurt.
Gezond gedrag
In het programma Big!Move ligt de focus op gezond gedrag. Gezond gedrag wordt beloond. De deelnemer en begeleider onderzoeken en proberen het functioneren te verbeteren: ‘Meer kunnen, meer doen, meer zijn.’
Continuïteit
In het programma zit een sterke communicatieve continuïteit. Dit zorgt voor openheid tussen begeleiders en deelnemers waardoor belemmerende factoren bespreekbaar zijn en mensen zichzelf kunnen zijn. Maar ook het wekelijks bij elkaar komen in dezelfde groep met dezelfde begeleiders geeft continuïteit en structuur. De huisarts en/of de verwijzer blijven op de achtergrond betrokken.